Opbrengst Zonnepanelen

Sinds augustus 2014 liggen er 15 panelen van 270W piek op het dak, totaal 4050 W piekvermogen. De panelen liggen op een plat dak in een hoek van ongeveer 15 graden, zonder schaduwwerpende bomen, gebouwen, schoorstenen of andere zaken.

De opbrengst per jaar is gemiddeld 3.852 kWh, zie de tabel hieronder. Vanaf medio 2017 zijn er op een nieuw adres 15 panelen van 300Wp, totaal 4500W piekvermogen. Vanaf oktober 2019 is dat uitgebreid met 13 panelen en liggen er 28 panelen in totaal

Conclusie uit de tabel: de gemiddelde opbrengst in kWh per jaar is 94% van het opgegeven piekvermogen van de zonnepanelen.

opbrengst (kWh)202020192018201720162015ge- middeldgemiddeld / paneel
jan784453857470674
feb1751231531091811901559
mrt68824932434131331837221
apr116454845343345054359934
mei134157369155156456871541
jun105962056551849058063937
jul990 58773251752356365238
aug84053350945850450355833
sep70834040532740734742224
okt22219819020722623221213
nov121118621019793996
dec525634512360463
totaal (kWh)7438398941713699385140664536264
tabel 1 – opbrengst zonnepanelen in kWh per maand

Grafisch weergegeven is de opbrengst per maand in Wattuur (Wh) als volgt:

grafiek 1. de opbrengst van 15 zonnepanelen in kWh per maand
grafiek 2 In 2020 liggen er 28 panelen i.p.v. 15 op het dak. de Opbrengst is daardoor veel hoger geworden.
Grafiek 3. De opbrengst per maand ten opzichte van de totale opbrengst per jaar is zeer voorspelbaar, gemiddeld wordt 91% van alle elektriciteit opgewekt in de maanden maart t.m. oktober. De vier wintermaanden november t.m. februari leveren maar 9% van de jaaropbrengst . Het patroon is zoals te zien elk jaar vrijwel hetzelfde, waarbij opvalt dat mei en niet juni de zonnigste maand is.
Grafiek 4. De opbrengst per maand volgt een heel voorspelbaar patroon. De verschillen in opbrengst per jaar zijn maar klein, namelijk zo’n 15% ten opzichte van de gemiddelde jaarlijkse opbrengst. Blijkbaar is de jaarlijkse hoeveelheid zonneschijn in Nederland vrij constant.
Grafiek 5. n de figuur is te zien dat vanaf eind maart tot begin oktober er bijna geen dagen zijn waarop het verbruik (rode lijn) hoger is dan de productie (blauwe lijn). Dat betekent dat als de salderingsregeling eindigt een batterij die 1 dag stroom kan opslaan voldoende is om van eind maart tot begin oktober volledig op eigen stroom te draaien.
Grafiek 6. De productie van 28 zonnepanelen van 300Wp op een piekdag in mei met stralend blauwe lucht. De grafiek zou een perfecte sinusvormige lijn moeten zijn. De kleine variaties (“hobbeltjes”) in de lijn worden veroorzaakt door de toppen van naaldbomen waar de zon doorheen schijnt. De totale dagopbrengst is 59kwh met een piekvermogen van 7050 Watt rond 13:00, De productie loopt van 5:45 – 21:15, in totaal dus 15:30 uur.
tabel 2 Ondanks dat de panelen veel meer stroom opwekken (7490kWh) dan nodig voor eigen gebruik (5496kWh) wordt slechts 37% van het eigen gebruik van de zonnepanelen betrokken. Het electriciteitsnet moet nog steeds 63% van alle electriciteit leveren. Dankzij de salderingsregeling maakt dat voor de kosten niet uit; het netto stroomverbruik is namelijk negatief.
Grafiek 7 Het elektriciteitsverbruik per maand is vrijwel constant vandaar dat de rode lijn lineair stijgt. Eind maart wordt de opbrengst van zonnepanelen hoger dan het verbruik, waardoor het netto verbruik (de blauwe lijn) daalt. In oktober wordt het verbruik weer hoger dan de opbrengst, waardoor de blauwe lijn weer stijgt. Met 15 panelen wordt het cumulatieve verbruik in november weer positief, maar met 28 panelen in 2020 blijft het cumulatieve verbruik negatief.